De aanvoer van goederen uit de stad vond veelal plaats over de vele kleine vaarten in Noord-Groningen. Grossiers uit de stad voorzagen hun klanten in de wijde omtrek via beurtschippers van hun waren.
Met schepen vond ook de kleine handel plaats. Zo kwam de potschipper geregeld met zijn schip een paar dagen in de dorpshaventjes liggen om potten en pannen te verkopen. Een voorbeeld van een handelaar die met zijn schip langs de Groninger vaarten trok om pannen te verkopen was de Joodse koopman Abraham Markus. In 1834 liet hij in Warffum een huis bouwen, het huidige Huis Markus op het museumterrein.