Prachtig gelegen in het Groningse landschap ligt het kerkhof van Wierhuizen. In het vlakke, boomloze polderlandschap wordt het kerkhof al van verre gemarkeerd door de houtsingel langs de rand van de begraafplaats.
Verweerde grafstenen memoreren de vroegere bewoners van Wierhuizen. De lege plek op het kerkhof - waar eeuwenlang de kerk van Wierhuizen stond - vertelt het verhaal van de kerstvloed van 1717. De kerstvloed was één van de rampzaligste watersnoden die de provincie Groningen heeft getroffen.
Na een dagenlange zuidwesterstorm draaide de wind in de Kerstnacht met orkaankracht naar het noordwesten. De dijken langs de kust - waaronder de Oude Dijk ten noorden van Pieterburen - werden voor een groot deel weggevaagd.
In de morgen van 25 december stroomde het zeewater over alle dycken, verscheurende alles wat haar in den aanvall eenigsints tegenstand mogt geboden hebben. Vanaf de stadswallen zag een inwoner niets als waater, de huisen ende kerken daarin staande zijnde een droevige gesichte.
Onbeschrijflijk groot was de ellende toen de zee zich weer terugtrok; in de hele provincie kwamen 2276 mensen om en werden 1560 huizen verwoest. Ook het dorpje Wierhuizen werd zwaar getroffen door de ramp; veertig mensen kwamen om, de kerk en zeventien huizen werden verwoest en 238 verdronken.
De paniek die toen geheerst moet hebben is, in de stilte van de weilanden, nauwelijks nog voor te stellen. Het leven is hier tot rust gekomen.
Op het verstilde kerkhofje staat nog een negentiende-eeuws baarhuisje. De muren zijn verzakt en gescheurd, deur en raamkozijnen zijn niet meer aanwezig en kap en dak zijn verrot. Meer dan honderd jaar deed het huisje dienst voor opslag van de lijkbaar en het gerei van de grafdelver. De graven overziend zal er menigmaal een droevige gang naar het baarhuisje gemaakt zijn om een kindergrafje te delven. Maar het huisje zelf heeft nu ook zijn tijd gehad.
De schoonheid van het verval, schreef de schrijver Koos van Zomeren eens. Het zijn woorden die van toepassing zijn op het baarhuisje van Wierhuizen. In zijn deplorabele staat wint het bouwwerkje haast aan charme, lijkt de geschiedenis van de mensen van Wierhuizen des te indringender vertelt te worden.
Restaureren is vernielen, zijn de woorden van restauratiebouwkundige en medewerker van de Stichting Oude Groninger Kerken Jur Bekooy. Want restaureren brengt onvermijdelijk verlies van authenticiteit met zich mee. Maar vaak is er geen alternatief om verval te stoppen. Daarom ook zal in het geval van het baarhuisje worden ingegrepen om het gebouwtje voor de definitieve ondergang te behoeden. Dit gebeurt door de Stichting Oude Groninger Kerken die het kerkhofterrein in haar bezit heeft.
Enige jaren geleden introduceerde de Stichting Oude Groninger Kerken omgevingsgerichte monumentenzorg. Naast het herstel van kerkgebouwen wordt nu ook aandacht besteed aan grafmonumenten en andere historische objecten op kerkhoven. Deze genoten in het verleden vaak geen enkele bescherming en verdwenen niet zelden, onder het motto opgeruimd staat netjes. Het project Kerken in het groen dat de Stichting Oude Groninger Kerken samen met de Stichting Landschapsbeheer Groningen heeft vormgegeven, behelst de restauratie van kerkhoven en grafmonumenten. In dat kader zal ook het baarhuisje gerestaureerd worden.
Met de restauratie blijft dit karakteristieke Gronings kerkhofje compleet in haar gaafheid. Veel negentiende-eeuwse baarhuisjes zijn inmiddels van de Groningse begraafplaatsen verdwenen, maar wie goed om zich heen kijkt, kan nog op een aantal plaatsen deze bescheiden, maar karakteristieke bouwwerkjes vinden.